Goed verdienen in veeleisend Europa
Werken op contractbasis populair
Een personeelscategorie die tijdens de hervormingen in 2004 is geïntroduceerd en nu al een kwart van het personeelsbestand uitmaakt, zijn de zogeheten ‘arbeidscontractanten’. Zij leveren vooral administratieve ondersteunende diensten of zorgen voor extra mankracht. Dit contractueel personeel wordt voor een beperkte termijn in dienst genomen. Vaak eerst met een korter contract van 6 tot 12 maanden, oplopend tot een periode van maximaal zes jaar. De salarissen liggen aanzienlijk lager dan voor ambtenaren: iemand uit deze personeelscategorie begint op ongeveer bruto 1.600 euro per maand. Een academisch geschoolde en gespecialiseerde contractant kan maandelijks rekenen op maximaal 5.800 euro bruto.
In vaste dienst
Grosso modo zijn de functies bij de Europese instellingen verdeeld in twee categorieën: assistenten, rang 1 tot en met 11, en administrateurs, rang 5 tot en met 16. Voor de werving van medewerkers op managementniveau heeft iedere instelling een eigen aanpak. Pas na negen maanden proeftijd en bij voldoende prestaties wordt een medewerker officieel benoemd tot ambtenaar bij de Europese Commissie. Een hoofd van een eenheid wordt normaliter ingeschaald binnen rang 9 tot 14, dat wil zeggen een bruto basissalaris van ruim 7.000 tot bijna 15.000 euro per maand. Een ervaren directeur zit met schaal 14 of 15 al gauw maandelijks tussen de 14.000 en 17.000 euro bruto.
De salarissen van de EU-ambtenaren kunnen worden gehalveerd. SP’er Dennis de Jong gooide afgelopen maand maar weer eens de knuppel in het hoenderhok. De extra bezuinigingen op het ambtenarenapparaat van 1 miljard euro, die de Europese Commissie in juni aangekondigde, gaan deze Europarlementariër niet ver genoeg. Vooral de voorstellen voor beleidsambtenaren zijn marginaal, liet hij via zijn weblog weten.
Emiel Weizenbach, adjunct-hoofd bij de HR-organisatie van de Europese Commissie, is allerminst geshockeerd door zijn uitspraken. ‘Dit is een gemakkelijke opmerking die geen rekening houdt met het feit dat je voor een efficiënt opererend Europa de best gekwalificeerde mensen moet aantrekken. Je moet concurrerend zijn in de gehele Europese arbeidsmarkt en daar horen nu eenmaal bepaalde salarissen bij.’
Weizenbach verwijst naar de Londense financiële experts uit de City die bij de commissie nu soms al een stuk minder verdienen. ‘Voor een aantal profielen zoals mededingingsadvocaten of bepaalde IT’ers geldt hetzelfde. We moeten ervoor zorgen dat we financieel aantrekkelijk blijven voor deze deskundigen,’ aldus de HR-manager. ‘We rekruteren in een heel specifieke markt en hebben tegenwoordig concurrentie binnen de arbeidsmarkten van 27 lidstaten.’
Bij het aantrekken van goed personeel draait het om het totaalplaatje, benadrukt Weizenbach. ‘Niet alleen het salaris, ook het werken voor de Europese gedachte, een internationale organisatie, carrièremogelijkheden en trainingsaanbod zijn van belang. Ambtenaren die in Brussel aan de slag gaan, geven vaak veel op,’ vertelt hij. Vaak geven partners hun baan op bij het verhuizen naar Brussel of Luxemburg. ‘Het zijn zowel de materiële als immateriële voorwaarden die een baan aantrekkelijk maken. Salaris is trouwens niet de eerste motivatie om de overstap te maken, zo blijkt uit onderzoek. Maar het blijft uiteraard een belangrijk aspect in de keuze.’
Een een-op-eenvergelijking tussen de Europese instellingen en de Nederlandse overheden is door de bijzondere arbeidsomstandigheden lastig. Toch durft Weizenbach de stelling wel aan dat de Commissie voor velen aantrekkelijkere arbeidsvoorwaarden heeft dan een willekeurig Haags ministerie. ‘De toelatingsvoorwaarden liggen bij de commissie over het algemeen hoger. Neem het concours en de eis dat iedere medewerker, ongeacht het niveau, minimaal drie talen moet spreken. Dat vertaalt zich in het arbeidsvoorwaardenpakket,’ licht de EU-ambtenaar toe. Maar er zijn ook zaken waarbij de Nederlandse ambtenaar aan het langste eind trekt. ‘Zo is er geen dertiende maand, vakantiegeld of budget voor sociale activiteiten. Regelingen die op de Haagse ministeries vaak wel aanwezig zijn.’
Inkrimpen
Naast verschillen zijn er ook veel overeenkomsten. ‘De schaal is anders, maar veel issues zijn vergelijkbaar. Vergrijzing vormt hier bijvoorbeeld een belangrijk aandachtspunt. De EU is een relatief jonge organisatie, maar krijgt nu ook te maken met de eerste grote golf pensioneringen,’ zegt Weizenbach. Door de vrij recente uitbreiding heeft de commissie er veel jonge medewerkers bij gekregen en hebben Europese HR-managers dus in mindere mate last van de effecten van de vergrijzing dan lokale overheden.
De bezuinigingsdrang is ook tot Europa doorgedrongen. ‘Dat is onvermijdelijk. Nationale overheden moeten inkrimpen, dus ook Europa moet de broekriem aanhalen,’ aldus Weizenbach. Hij verwijst naar het onlangs ingediende commissievoorstel waarin 1 miljard euro aan extra bezuinigingen is beraamd. ‘Dit voorstel bestaat uit een pakket van maatregelen waaronder een personeelsreductie van 5 procent, verhoging van de pensioenleeftijd en een stijging van het aantal uren per werkweek van 37,5 naar 40 uur, zonder extra loonsverhoging.’
Het initiatief volgt op een rigoureuze bezuiniging en hervorming van het personeelsstatuut in 2004. De modernisering van de loopbaanstructuur, verlaging van de aanvangsalarissen, hervorming van het pensioenstelsel en invoering van de mogelijkheid werknemers op contractbasis aan te stellen, vormden daarbij de belangrijkste punten. Weizenbach: ‘Deze hervormingen hebben tot nu toe 3 miljard euro bespaard en moeten tegen 2020 nog eens een extra 5 miljard opleveren.’
Het nieuwe voorstel ligt nu bij de Raad van Ministers en het Europees Parlement, waar, zoals blijkt uit De Jongs uitspraken, nog niet iedereen is overtuigd. De lonen van de 32.000 ambtenaren die in dienst zijn van de Europese instellingen, waarvan ongeveer 22.000 bij de commissie, zullen de komende maanden de gemoederen nog flink bezig houden. Mede doordat de automatische aanpassingsregeling voor salarissen en pensioenen eind 2012 opnieuw moet worden aangepast. Weizenbach is echter hoopvol: ‘Het Europees Parlement als geheel reageerde vrij positief. Om een aantrekkelijke werkgever te blijven, zullen we een compromis moeten bereiken waarbij iedereen zijn bijdrage levert.’
Gerelateerde artikelen
- 'We moeten onszelf opnieuw uitvinden'
- ‘Fanatisme komt voort uit onwetendheid’
- Verkeerd beeld migratie leidt tot verkeerd beleid
- Meer greep op Brussel
- Facts & figures
- Jong talent blijft welkom in de provincie
- Rijk: liever een fiets
- Gemeenten voeren strijd tegen de ontgroening
- CAO-onderhandelingen: wachten op acties
- 'Prima verdienen' bij de overheid
Trefwoorden
Van onze partners
Gratis elke week het belangrijkste nieuws van PM Public Mission in uw mailbox? Schrijf u dan hier in voor onze e-mailnieuwsbrief.










Nieuwe reactie inzenden