Thierry Baudet over de staat van het openbaar bestuur

'Kies voor een minderheidskabinet'

Door: Rianne Waterval | 25.06.2010

‘Een grondige bezinning op onze democratie is noodzakelijk.’ Dat stelt jurist en historicus Thierry Baudet op de dag dat de vertrekkende Kamerleden officieel afscheid nemen van het Binnenhof. Op verzoek van PM analyseert de promovendus de verkiezingsuitslag en de staat van het Nederlandse openbaar bestuur. ‘De opkomst van een populistische partij als de PVV is niets om paniekerig over te doen.’

De versnippering van het politieke landschap en de afstand tussen de gevestigde elite en de populistische partijen ziet Thierry Baudet met lede ogen aan. ‘De traditionele middenpartijen en de nieuwe populistische partijen – hiermee doel ik op de “buitenstaanders die inspelen op thema’s die sterk leven in de samenleving, maar in de Haagse politiek worden genegeerd – kunnen elkaar niet vinden. De binnen- en buitenkant van het systeem komen niet tot elkaar en dit gaat ten koste van de besluitvorming.’

Liberalisme en socialisme, waarin staat en markt de belangrijkste thema’s vormen, zijn volgens Baudet al lang niet meer toereikend. ‘Het vocabulaire van de twintigste eeuw voldoet niet meer. Wat delen we met elkaar? Daar gaat het om. De gemeenschap is nu het overheersende thema en het openbaar bestuur moet zich hier veel bewuster op richten.’ Nog te vaak gaan publieke debatten over schijntegenstellingen en non-issues, vindt Baudet. ‘Dit vraagt om een omslag binnen de Nederlandse debatcultuur. Ga fundamentele debatten voeren over zaken als immigratie, globalisering en de toekomst van de Europese Unie. Deze onderwerpen worden, vaak onterecht, in de taboesfeer getrokken. Ik krijg regelmatig de indruk dat politici elkaar niet willen begrijpen.’

De vorming van een nieuw kabinet zou volgens Baudet als katalysator kunnen dienen voor vernieuwing. Als historicus waarschuwt hij echter voor de waan van de dag en pleit hij  voor meer reflectie: ‘Ik volg de actualiteit goed, maar ben er niet aan verslaafd. Ik doe niet mee aan de Twitter-hype. Door afstand te nemen, kun je zaken scherper zien. Als je voortdurend naar de wijzers van de klok kijkt, zie je ze ook niet bewegen. Neem bijvoorbeeld de geschiedenis van de Romeinse republiek, die is soms nog meer van toepassing op de actualiteit dan wat je tegenwoordig in de krant leest. De Romeinse republiek ging ten onder aan machtsstrijden binnen de elite zonder dat die nog oog had voor het algemeen belang. Ik wil niet zeggen dat dit een-op-een te vergelijken is met wat er nu gebeurt, maar we kunnen hier zeker van leren.’

Thierry Baudet

Thierry Baudet (1983) is jurist, rechtsfilosoof en historicus. Baudet is verbonden aan de Universiteit Leiden waar hij onder professor Paul Cliteur werkt aan een proefschrift over nationale identiteit, Europese eenwording en multiculturalisme. In 2007 lanceerde hij de site 150volksvertegenwoordigers.nl om Kamerleden meer bekendheid te geven. In maart van dit jaar publiceerde hij samen met Michiel Visser de essaybundel Conservatieve vooruitgang waarin twintig conservatieve denkers uit de vorige eeuw zijn geportretteerd.

De kiezer heeft gesproken en het is nu aan de informateur om een nieuwe regering te smeden. Wat is uw advies?
‘Kies voor een minderheidskabinet. Ik zou graag zien dat politici meer lef tonen tijdens deze formatie. De mogelijkheid een regering te vormen los van politieke partijen zouden we niet zo gemakkelijk moeten uitsluiten. Iemand als Alexander Rinnooy Kan zou bijvoorbeeld in een minderheidskabinet waar D66 geen deel van uitmaakt een uitstekende minister van OCW kunnen zijn. Ook een partijloze minister vind ik helemaal geen gek idee. Nog maar 2 procent van de Nederlandse bevolking is lid van een politieke partij. Het is absurd dat we altijd maar in die minuscule pool aan het vissen zijn naar bestuurders.’

Beschikt Nederland over zulke moedige politici?
‘Ik hoop het. Met de heersende politieke cultuur wordt het lastig. Een open mind ten aanzien van bestuurlijke posities zou ons veel voordeel kunnen opleveren. Waarom moet een minister die uitstekend werk heeft verricht na de verkiezingen plaatsmaken? Het huidige hokjesdenken is ook in strijd met hoe het ooit bedoeld is door Thorbecke: in zijn tijd waren er niet eens politieke partijen. Het woord partij komt niet voor in de Grondwet. Politieke partijen functioneren in feite als een uitzendbureau voor hoge bestuurlijke functies, het gaat daarbij nauwelijks over de inhoud. Waarom wordt er zo raar gereageerd als VVD’er Joris Voorhoeve lid wordt van D66? Dat vind ik juist prachtig. Gooi de luiken eens open: er moet frisse lucht door de Haagse politiek.’

Vormt dit partijdenken een verklaring voor de veel besproken kloof tussen burger en politiek?
‘Dit is zeker een van de oorzaken. Maar de betrokkenheid van de burger kan op heel veel manieren worden vergroot. Zo ben ik een voorstander van het decentraal organiseren van de gemeenteraadsverkiezingen. Nu worden deze overal op dezelfde dag gehouden, waardoor het toch een soort landelijke verkiezingen zijn geworden. Mensen stemmen op de PvdA van Wouter Bos in plaats van op de gemeentelijke kandidaten met gemeentelijke thema’s. De gemeentelijke politiek heeft vrij weinig met de landelijke politiek te maken. Burgers zullen meer betrokken raken bij de politiek als gemeenten zelf verkiezingen uit kunnen schrijven. Dat betekent ook dat colleges van B&W kunnen vallen. Dat is nu niet mogelijk, zij zitten altijd vier jaar de rit uit. Een merkwaardige situatie.’

Welke andere oplossingen ziet u voor het democratisch deficit?
‘Er zijn tal van manieren om deze kloof te overbruggen. Bijvoorbeeld door het aantal verkregen voorkeurstemmen bij verkiezingen dwingend te maken voor de positie op de lijst en daarmee voor de toegang tot de Kamer. Dit is iets wat vrij gemakkelijk kan worden ingevoerd, het vergt slechts een kleine wijziging van de Kieswet. Er zijn zelfs al partijen die het doen. Het gaat daardoor lonen voor kandidaten en Kamerleden om hun eigen positie sterker aan te zetten en onafhankelijker te worden van de partijtop. Ook zou het goed zijn als het stemgedrag van Kamerleden helder in beeld wordt gebracht. Een opvraagbaar trackrecord, eventueel via stemkastjes in de Kamer in plaats van het opsteken van handen, zorgt ervoor dat Kamerleden makkelijker door burgers kunnen worden aangesproken op hun verantwoordelijkheden.’

De discussie over het voortbestaan van verschillende bestuurslagen is tijdens de landelijke verkiezingscampagne opnieuw in alle hevigheid losgebarsten. Is het snijden in bestuurslagen een reële optie?
‘Nee, de zittende macht zal nooit instemmen met dergelijke wijzigingen van de overheidsstructuur. Zoek daarom naar manieren om de structuur van het systeem te veranderen zonder dat het van de huidige elite vereist zich op te heffen. Een stapsgewijze invoering van vernieuwing is veel effectiever.’

Hoe typeert u de huidige relatie tussen het kabinet en de volksvertegenwoordiging?
‘Het Nederlandse politieke bestel wordt al heel lang gegijzeld doordat er onvoldoende afstand is tussen het kabinet en de Kamer. Wat mij betreft zou de verhouding tussen regering en parlement moeten verslechteren. De partijtoppen hebben nu in feite de ministerraad gekoloniseerd: wat in de Trêveszaal wordt besproken is vaak al kortgesloten met de partijleiding. Dus is er een vanzelfsprekende meerderheid in de Kamer en het parlement wordt zo buitenspel gezet. De komst van een minderheidskabinet zou het publieke debat ten goede komen omdat de regering dan voortdurend op zoek moet naar meerderheden in het parlement. Dit is een relatief eenvoudige manier om de democratie beter te laten functioneren, er is geen enkele grondwetswijziging voor nodig.’

 Wat zijn volgens u de voorwaarden voor een adequaat openbaar bestuur?
‘Aan de basis van een gezonde democratie liggen twee elementen die met elkaar in evenwicht moeten zijn. Het is van belang dat het meerderheidsstandpunt gehoord wordt en dat de opvattingen die in de maatschappij leven serieus worden genomen door politici. Vervolgens is het aan de politieke elite op deze issues te reflecteren en zo tot verstandige beslissingen te komen.’ 

Zijn deze twee zaken in evenwicht?
‘Nee, in Nederland is die balans al zeker tien jaar ernstig verstoord. Neem bijvoorbeeld de gang van zaken rond de Europese Grondwet. In een referendum bleek dat ruim 60 procent van de bevolking tegen was, terwijl bij de gevestigde partijen eigenlijk iedereen voorstander was. En in plaats van zich grondig te herbezinnen op de Europese eenwording en een fundamenteel debat daarover te voeren, drukt de elite de plannen in de vorm van het Verdrag van Lissabon alsnog door. Zonder dat opnieuw aan de bevolking voor te leggen, want zij gaf toch maar het verkeerde antwoord. Zoiets is toch ongelooflijk? De elite luistert niet goed naar wat er aan de hand is in de samenleving en houdt krampachtig vast aan bepaalde thema’s. Ze wantrouwt het volk, en het volk antwoordt daarop door de elite niet meer te vertrouwen.’

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld is privé en zal niet openbaar worden gemaakt.
CAPTCHA
This question is for testing whether you are a human visitor and to prevent automated spam submissions.
Image CAPTCHA
Neem de karakters uit de bovenstaande afbeelding over.